www.lavandablu.nl
Home » Kleuren

Kleuren

Siamees, Tonkanees, Burmees.

 

Deze kleuren (eigenlijk zijn het patronen/aftekeningen en geen kleuren) worden veroorzaakt door een reeks allellen die in meer of mindere mate albinisme bepalen. Siamezen zijn bijna wit gekleurd, behalve de “points” of extremiteiten: neus, oren, poten, staart. Tonkanezen zijn iets donkerder gekleurd, Burmezen het donkerst van de drie.

Bij alledrie zijn de points donkerder dan de rest van het lichaam. De temperatuur heeft wel een grote invloed op deze katten: Siamezen die buiten mogen lopen bijvoorbeeld, zullen op hun romp veel donkerder worden dan soortgenoten die altijd binnen blijven. Daarom worden alle Siamese kittens ook wit geboren: in de baarmoeder zijn de extremiteiten even warm als de romp, in de buitenlucht na de geboorte worden de extremiteiten iets kouder dan de romp, waarin de vitale organen, die warmer worden gehouden door de bloedsomloop.

Een Siamese kat wordt ook wel Colourpoint of gewoon Pointed genoemd.
Een Tonkanees heeft ook nog een andere benaming: Mink.
En voor een Burmese kat heeft men de alternatieve benaming: Sepia.
Al deze vormen kunnen bij de verschillende kleuren voorkomen, bijvoorbeeld een Red Point is een rode kat met de Siamese aftekening. Een Chocolate Mink is een bruine kat met de Tonkanese aftekening. Een Blue Sepia is een grijze kat met de Burmese aftekening.

Hoe kan je nu zien of een kitten Siamees, Tonkanees of Burmees is?
Siamese kittens worden melkwit geboren en kleuren later in. Bij de hoofdkleuren zie je dit sneller dan bij de verdunde kleuren. Minks en Sepia’s worden reeds meer gekleurd geboren, en die kleuren verdonkeren later ook nog.
Een tweede weggever is de kleur van de ogen. Alle kittens worden, zoals mensenbabies, met blauwe ogen geboren. De ogen van kittens beginnen van kleur te veranderen rond de leeftijd van 10 weken. 
Siamese katten hebben blauwe ogen. Tonkanese katten hebben blauw-groene ogen, ook wel aqua genoemd. Burmese katten hebben gele ogen. Het probleem is wel dat je soms het verschil tussen blauwe en aqua ogen pas na ettelijke maanden duidelijk ziet. Voor die tijd hebben de meeste fokkers allang de stambomen aangevraagd, en moet de kleur dus liefst geweten zijn.
Een hulp kan hier weeral wat stamboom kennis en ook genetica zijn:
Een Siamese kat heeft twee genen (cscs) voor zijn eigenschap nodig. Een Burmese (cbcb) kat ook. Als je een Siamese kat met een Burmese kat kruist, krijg je een Tonkanees (cbcs)

Twee ouderdieren met de Siamese aftekening kunnen dus enkel kittens krijgen met de Siamese aftekening. Dit geldt ook voor de Burmese aftekening. De kittens van twee Tonkanezen echter, kunnen zowel een point, sepia (solid) als mink zijn, afhankelijk van de combinatie van genen die door de ouders wordt doorgegeven. Een kat kan geen “drager” zijn van het Tonkanese gen, aangezien je daarvoor de combinatie point/sepia nodig hebt. Een kitten uit een Tonkanese ouder kan zowel het gen voor point als het gen voor sepia geërfd hebben. 
Een kitten dat geen enkel pointed gen draagt, kan nooit een pointed of Mink kitten produceren. Enkel, in combinatie met de juiste partner, kittens die ofwel het pointed ofwel het Sepia gen dragen. 
Een kitten dat slechts een van de point genen, dus ofwel point ofwel Sepia draagt, zal dit niet tonen aan de buitenkant (fenotype). Het kan later wel, in combinatie met de juiste partner en afhankelijk van welk gen het draagt, pointed, Mink of Sepia kittens krijgen.

Het is dus belangrijk in de stamboom te kijken naar de vorige generaties, dan kan je dikwijls al zien welke vorm wel of niet kan doorgegeven zijn.

Het wordt natuurlijk moeilijker als een kat wel drager is van pointed of sepia maar het zelf niet is, en zeker als dit gen al enkele generaties wordt doorgegeven zonder aan de oppervlakte te komen. Uit twee niet-pointed ouders kan je dus wel pointed kittens verkrijgen, als allebei de ouders dit gen dragen en doorgeven. Het is dus een recessief gen.